Mensen scrollen niet langs je heen, of ze vinden je als ze zoeken.
Zo meet je het
Hoeveel procent stopt of klikt in de eerste seconden, vergeleken met je eigen gemiddelde. En hoe vaak mensen je vinden via Google of je terugzien in antwoorden van AI-tools.
Waarom het telt
56% haakt af als een stuk niet binnen een minuut pakt (Edelman en LinkedIn, 2021). De helft van de nieuwe Engelstalige webartikelen is door AI geschreven (Graphite, 2026).
02Doet mee
Ze doen iets: antwoorden, kiezen, meespelen.
Zo meet je het
Hoeveel procent minstens één keer iets doet, en hoeveel procent het afmaakt.
Waarom het telt
Met vragen tussendoor halveert het afdwalen: 19% tegen 41% (Szpunar e.a., PNAS, 2013, onderzoek met studenten).
03Heeft er wat aan
Ze nemen iets mee: iets praktisch, een inzicht, iets waarmee ze beter voor de dag komen, of energie.
Zo meet je het
Eén vraag na afloop: “Wat had je hieraan?” Plus hoeveel procent het zeer goed of uitstekend vindt. Gemiddeld vindt 15% van de kopers expertcontent zeer goed.
Waarom het telt
Maar 15% van de kopers vindt de expertcontent die ze lezen zeer goed (Edelman en LinkedIn, 2021 en 2024). De vier soorten waarde zijn onze eigen indeling, gebaseerd op de B2B-waardepiramide van Bain (Harvard Business Review, 2018).
04Onthoudt
Na een week weten ze het nog, en van wie het kwam.
Zo meet je het
Na zeven dagen vraag je: “Wat weet je nog, en van wie kwam het?” Vergelijk wie meedeed met wie alleen las.
Waarom het telt
Na een week wist de groep die zichzelf overhoorde nog 61%, de groep die de tekst opnieuw las 40% (Roediger en Karpicke, 2006, onderzoek met studenten). Kopers denken aan een leverancier als ze in een bepaalde situatie zitten (Romaniuk, 2022).
05Deelt
Ze sturen het door naar collega's of hun netwerk.
Zo meet je het
Doorgestuurde links, en hoeveel nieuwe mensen er via die links binnenkomen.
Waarom het telt
Mensen delen wat hen raakt (Berger en Milkman, 2012) en waarmee ze zelf goed voor de dag komen (Berger, 2014). 52% gebruikt sterke content om de rest van de koopgroep te overtuigen (Edelman en LinkedIn, 2025).
06Wil meer
Ze komen terug of zetten een volgende stap.
Zo meet je het
Terugkomers, aanmeldingen voor het volgende stuk en gesprekken.
Waarom het telt
75% ging na een sterk stuk verder zoeken, en 23% daarvan werd klant. Let op: dit is wat mensen zelf zeggen (Edelman en LinkedIn, 2024).
Wie deelt, zorgt dat nieuwe mensen je opmerken. Zo versterkt elk stuk het volgende.
Wat ontbreekt er?
Blijft één factor achter, dan telt de factor erna maar half. Zo ziet dat eruit, per factor.
Ontbreekt: factor 1, valt op of wordt gevonden
Behang
Je content is er wel, maar niemand ziet hem. Hij lijkt op alles wat er al is.
Wat het kost
Wie doorscrolt, komt nooit bij de rest van je verhaal.
Begin hier
Zeg iets wat je vakgenoten niet zeggen, in de woorden van je klant.
Ontbreekt: factor 2, doet mee
Etalage
Mensen kijken, maar komen niet binnen. Ze scrollen door zonder te reageren, te kiezen of te antwoorden.
Wat het kost
Aandacht die na een paar seconden weer weg is.
Begin hier
Stel een vraag die je lezer zelf wil beantwoorden, of laat ze iets kiezen of testen.
Ontbreekt: factor 3, heeft er wat aan
Kermis
Leuk, opvallend, mensen doen mee. Maar na afloop hebben ze er niets aan.
Wat het kost
Je krijgt aandacht, maar geen gezag.
Begin hier
Koppel elk stuk aan één probleem dat je klant deze week heeft.
Ontbreekt: factor 4, onthoudt
Eendagsvlieg
Goed stuk, nuttig ook. Een week later weet niemand meer dat het van jou kwam.
Wat het kost
Als de vraag later echt speelt, denken mensen niet aan jou.
Begin hier
Herhaal één kernboodschap en koppel die aan het moment waarop je klant hem nodig heeft.
Ontbreekt: factor 5, deelt
Best bewaarde geheim
Wie het leest, vindt het goed. Alleen zegt niemand het verder.
Wat het kost
Je bereik blijft steken bij de mensen die je al kent.
Begin hier
Maak het makkelijk om door te sturen, met één zin of beeld waarmee iemand een collega iets slims laat zien.
Ontbreekt: factor 6, wil meer
Applaus
Likes, reacties, complimenten. En daarna gaat iedereen naar huis.
Wat het kost
Niemand zet een volgende stap, dus er komen geen klanten uit.
Begin hier
Geef bij elk stuk een logisch vervolg, zoals een tweede deel, een test of een gesprek.
Alle zes factoren werken
Vliegwiel
Elk stuk maakt het volgende sterker. Mensen komen terug, delen het en vragen om meer.
Wat het oplevert
Groei, gezag en klanten die zelf naar je toe komen.
Zo hou je het vast
Blijf meten per factor, want één zwakke factor remt het hele wiel af.
Bij de meeste factoren: weet ik niet
Blind vliegen
Je maakt content, maar je weet niet wat hij doet. Je stuurt op gevoel of op likes.
Wat het kost
Je kunt niet zien waar het rendement verloren gaat.
Begin hier
Kies per factor één ding dat je gaat meten. Onder elke factor staat wat dat kan zijn.
Hoe scoort jouw laatste stuk content?
Denk aan één ding dat je de afgelopen maand maakte: een post, een webinar, een artikel, een video. Zes vragen, één minuut.
Vraag 1 van 6
Dit wiel is met je gedeeld. Hoe scoort jouw content?
Dezelfde zes factoren, toegepast op echte content.
Hoe de score werkt: 24 onderdelen in zes factoren, samen 100 punten
Per onderdeel geven we alle punten, de helft of niets. De factoren wegen niet even zwaar: wat iemand eraan heeft, telt het zwaarst. Blijft een factor onder de helft, dan telt de factor erna maar half. Is een stuk niet te vertrouwen, dan is de score maximaal 40.
Wat de score betekent
90 tot 100: Blijft opleveren
Scoort op alle zes factoren en blijft vindbaar. Wat het oplevert, groeit nog door.
75 tot 89: Brengt je op de shortlist
Scoort op alle zes factoren. Mensen onthouden het, delen het en weten van wie het kwam.
60 tot 74: Helpt je op weg
Doet het meeste goed, maar één of twee factoren blijven achter. Meestal ontbreekt het delen of een vervolg.
40 tot 59: Wordt gelezen, maar blijft niet hangen
Mensen zien en lezen het, maar onthouden het niet of doen er niets mee.
0 tot 39: Gaat verloren
Het wordt gezien, maar brengt je niet op de shortlist. Het valt niet op of mensen doen er niets mee.
Voor 90 of hoger moet een stuk ook over een jaar nog te vinden zijn. De grenzen zijn onze keuze: we stellen ze bij zodra we scores naast echte resultaten kunnen leggen.
1. Valt op of wordt gevonden 20 punten
Dit gaat over mij5 punten
Alles: De kop of de eerste zin noemt allebei: wie de lezer is (een rol of soort bedrijf) en een concrete situatie, een moment of een probleem. Je kunt de woorden aanwijzen. De helft: Eén van de twee: alleen de rol, of alleen de situatie. Niets: Geen van beide: het begint bij het merk, het onderwerp of een lijst.
Bron: Edelman en LinkedIn 2025, Symons en Johnson 1997
Dit ziet er anders uit6 punten
Alles: Drie of vier signalen. De helft: Eén of twee signalen. Niets: Geen signaal: een standaardtemplate, stockbeeld of lange lappen tekst.
1Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
2Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
3Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
4Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Bron: Von Restorff 1933, Pieters en Wedel 2004, Sundararajan en Adesope 2020
Hier zegt iemand iets anders3 punten
Alles: Je kunt de zin aanwijzen die een gangbare aanname noemt én tegenspreekt. De helft: Een eigen invalshoek, maar geen aanname die onderuit gaat. Niets: Inwisselbaar met elke concurrent.
Bron: Edelman en LinkedIn 2025, Romaniuk
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar4 punten
Alles: Drie of vier signalen. De helft: Eén of twee signalen. Niets: Geen signaal: alleen in een tijdlijn, een PDF of achter een inlog of formulier.
1Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
2Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
3Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
4Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Alles: In het eerste scherm of de eerste 30 seconden is duidelijk wat je eraan hebt. De helft: Pas na een intro. Niets: Pas na de helft.
Bron: Edelman en LinkedIn 2025, Nielsen Norman Group
2. Doet mee 15 punten
Het leest makkelijk6 punten
Alles: Vier of vijf signalen. De helft: Twee of drie signalen. Niets: Nul of één signaal.
1Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
2Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
3Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
4Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
5Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Alles: Je voert je eigen situatie in en krijgt een uitkomst over jezelf: een scan, zelftest, rekenhulp of keuze met gevolg. De helft: Je voert wel iets in, zoals eerst zelf gokken of een vraag beantwoorden, maar de uitkomst gaat niet over jouw situatie. Niets: Je voert niets in. Een checklist om zelf toe te passen telt hier niet, die telt bij 'morgen mee aan de slag'.
Alles: Vier of vijf signalen. De helft: Twee of drie signalen. Niets: Nul of één signaal.
1Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
2Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
3Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
4Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
5Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Bron: Green en Brock 2000, Wisniewski e.a. 2020, Sailer en Homner 2020, Kang e.a. 2009
3. Heeft er wat aan 25 punten
Ik kan dit vertrouwen8 punten
Alles: Drie aanwijsbare delen: eigen ervaring of eigen onderzoek, een bron bij elke claim met een cijfer, en een passage over wat je niet weet. Is een scène verzonnen, dan staat erbij dat het een voorbeeld is. De helft: Twee van de drie. Niets: Eén of geen, of een verzonnen voorbeeld dat als echt wordt gebracht.
Bron: Google E-E-A-T
Hier kan ik morgen mee aan de slag7 punten
Alles: Een concrete stap, voorbeeld, rekensom, checklist of template. De helft: Advies op het niveau van principes. Niets: Alleen beschouwing.
Bron: Bain, B2B Elements of Value
Dit wist ik nog niet6 punten
Alles: Je kunt een cijfer, case of verband aanwijzen dat niet in de eerste 5 Google-resultaten op de kopvraag staat. Eigen data telt hier. De helft: Bekende kennis, goed geordend. Niets: Herhaling van wat er al is.
Bron: Edelman en LinkedIn 2025
Ik voel wat er voor mij op het spel staat4 punten
Alles: Het gevolg voor jou staat er in euro's, dagen, mensen of een concreet moment. Spanning voor de hoofdpersoon van een verhaal telt bij 'verhaal'. De helft: Urgentie benoemd, niet uitgedrukt in een gevolg. Niets: Vlak.
Bron: Berger en Milkman 2012
4. Onthoudt 20 punten
Het is een verhaal5 punten
Alles: Drie of vier signalen. De helft: Eén of twee signalen. Niets: Geen hoofdpersoon die je volgt: een betoog, een lijst, losse tips of een ranglijst.
1Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
2Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
3Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
4Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Bron: Mar e.a. 2021 (meta-analyse, 33.078 deelnemers), Braddock en Dillard 2016, van Laer e.a. 2014
Je ziet het voor je4 punten
Alles: Twee of drie signalen. De helft: Eén signaal. Niets: Alles blijft abstract.
1Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
2Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
3Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Bron: Sadoski, Goetz en Fritz 1993, Packard en Berger 2021, Childers en Houston 1984
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb4 punten
Alles: Ergens na de opening staat een moment in de toekomst: als dat gebeurt, pak je dit stuk erbij. De helft: Alleen het onderwerp, of het moment staat alleen in de opening. Niets: Geen moment.
Bron: Romaniuk, Dawes 2021
Eén zin die ik kan navertellen4 punten
Alles: Eén zin van hooguit 15 woorden die minstens 2 keer (bijna) letterlijk terugkomt. De helft: De kern staat er één keer. Niets: Geen kern.
Bron: Cepeda e.a. 2006
Ik weet van wie het kwam3 punten
Alles: Een persoon met naam en gezicht, vroeg in beeld. De helft: Alleen een naam, of een logo aan het eind. Niets: Anoniem.
Bron: Romaniuk, Sharp
5. Deelt 10 punten
Hiermee overtuig ik mijn collega's4 punten
Alles: Minstens één argument in geld, risico of tijd voor een collega met een andere rol, en die rol wordt genoemd. De helft: Alleen voor de lezer zelf. Niets: Geen argumenten.
Bron: Edelman en LinkedIn 2025
Hiermee kom ik goed voor de dag3 punten
Alles: Eén los cijfer of één grafiek die je kunt citeren zonder de rest van het stuk. De helft: Nuttig, maar niets wat je los kunt citeren. Niets: Niets om mee voor de dag te komen.
Bron: Berger 2014
Dit stukje stuur ik zo door3 punten
Alles: Een grafiek, kaart of fragment dat los werkt, met een link naar precies dat deel. De helft: Alleen het hele stuk is te delen. Niets: Achter een inlog of niet te delen.
Bron: Berger 2014
6. Wil meer 10 punten
Ik weet wat de volgende stap is3 punten
Alles: Eén stap naar de afzender die past bij de vraag van de lezer: een gesprek, een scan, een WhatsApp. De helft: Een algemene 'neem contact op', of meerdere stappen naast elkaar. Niets: Geen stap naar de afzender.
Bron: Iyengar en Lepper 2000
Ik klik makkelijk door naar meer3 punten
Alles: Een link naar meer inhoud, met een reden: van de post naar het artikel, van hoofdstuk naar hoofdstuk, of twee tot vier gerelateerde stukken. Een link telt bij 'volgende stap' of bij 'doorklikken', maar nooit bij allebei. De helft: Een algemene 'lees ook' of een kale link. Niets: Het stuk loopt dood.
Bron: Pirolli en Card 1999
Er komt een vervolg en ik kan het volgen2 punten
Alles: Een serie of vervolg, met een manier om het te volgen. De helft: Wel een serie, geen manier om te volgen. Niets: Eenmalig.
Bron: Sharp
Ik laat graag mijn gegevens achter2 punten
Alles: Na het achterlaten van je naam of mail krijg je iets wat bij de vraag past: je uitslag, het vervolg of een download. De rest staat open. De helft: Een algemene nieuwsbriefknop, of contact naar een persoon. Niets: Geen manier, of alles zit achter een inlog.
Bron: 6sense 2024 (B), Edelman en LinkedIn 2017 (B)
363 blogs tegenover één artikel
KWEEKERS, een AFAS-partner, zette in 2026 ruim één blog per werkdag online. Wij maakten als voorbeeld één interactief artikel over verzuim.
363 blogs in 2026
Losse uitlegblogs over AFAS, HR en salaris.
34Gaat verlorenProfiel:
Wat is de CRS?
Gaat verloren: Het wordt gezien, maar brengt je niet op de shortlist. Het valt niet op of mensen doen er niets mee.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Leuk, opvallend, mensen doen mee. Maar na afloop hebben ze er niets aan.
Waarom dit profiel: Factor 3, Heeft er wat aan, blijft onder de helft: 12 van 25 punten.
Wat het kost: Je krijgt aandacht, maar geen gezag.
Waar je begint: Koppel elk stuk aan één probleem dat je klant deze week heeft.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
De factor 'Heeft er wat aan' blijft onder de helft. Daardoor telt de factor erna maar half. Anders had het 43 gescoord.
Dit gaat over mij5 van 5
De eerste zin noemt de rol zoals de lezer die zelf zou zeggen.
Dit ziet er anders uit0 van 6
Een standaard WordPress-ontwerp zonder eigen beeld in de tekst. Er beweegt niets, er zijn geen cijfers die oplopen en de opsommingen zien eruit als gewone tekst.
0 van 4 signalen
✗Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✗Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✗Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✗Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders0 van 3
Het stuk spreekt geen gangbare gedachte tegen en heeft geen eigen invalshoek. Elke salarisverwerker had het kunnen schrijven.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar4 van 4
De koppen zijn vragen met het antwoord eronder, Google mag de pagina opnemen en er zit code in die Google vertelt dat het een artikel is. Je ziet alleen niet wanneer het is bijgewerkt.
3 van 4 signalen
✓Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✓Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✓Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb2 van 2
De intro onder de kop zegt meteen wat je krijgt.
Het leest makkelijk3 van 6
Korte alinea's en koppen, en de letters zijn ook op de telefoon groot genoeg (nergens kleiner dan 13 pixels). Maar de verkoopalinea's kunnen weg zonder dat je iets mist, 'bijzonder tarief' wordt niet uitgelegd en de schrijver schrijft nergens in de ik-vorm.
3 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✓Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen0 van 4
Je voert niets in.
Doorgaan levert steeds wat op0 van 5
Niets houdt je nieuwsgierig: er blijft geen vraag open, je kiest niets, niets laat zien hoe ver je bent en je ziet niet wat andere lezers deden.
0 van 5 signalen
✗Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✗Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✗Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen0 van 8
Alleen bij het cijfer 8% staat een bron (artikel 15 van de Wet minimumloon). Er is geen eigen ervaring of onderzoek, en de schrijver zegt nergens wat hij niet weet.
Hier kan ik morgen mee aan de slag7 van 7
Een concrete checklist voor de dag dat je het vakantiegeld uitbetaalt.
Dit wist ik nog niet3 van 6
Bekende regels over vakantiegeld, goed geordend. Alles staat ook in de eerste zoekresultaten van Google.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat2 van 4
Wat er gebeurt als je niets doet, staat erin, maar niet in euro's of dagen.
Het is een verhaal0 van 5
Geen hoofdpersoon: een uitleg met lijstjes.
0 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✗Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✗Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je2 van 4
Getallen en een concrete periode, maar geen scène en geen metafoor.
1 van 3 signalen
✗Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✗Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb4 van 4
Een latere zin noemt een terugkerend moment om dit erbij te pakken.
Eén zin die ik kan navertellen2 van 4
De kern staat er één keer en komt niet terug.
Ik weet van wie het kwam1,5 van 3
Je ziet geen persoon, alleen het merk. De naam van de schrijver staat alleen in code die Google leest.
Hiermee overtuig ik mijn collega's0 van 4
Het stuk geeft een collega met een andere functie geen argument in geld, risico of tijd.
Hiermee kom ik goed voor de dag1,5 van 3
Het enige cijfer dat je los kunt overnemen (8%) kent iedereen al. Er staat niets eigens in om te citeren.
Dit stukje stuur ik zo door1,5 van 3
Je kunt alleen de hele pagina delen, geen los deel.
Ik weet wat de volgende stap is1,5 van 3
Een algemene 'neem contact op'.
Ik klik makkelijk door naar meer1,5 van 3
Er staan alleen links naar dienstpagina's, niet naar verwante stukken.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen0 van 2
Een losse blog, zonder serie of vervolg.
Ik laat graag mijn gegevens achter1 van 2
Onderaan staat alleen een algemene knop voor de nieuwsbrief.
Brengt je op de shortlist: Scoort op alle zes factoren. Mensen onthouden het, delen het en weten van wie het kwam.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Elk stuk maakt het volgende sterker. Mensen komen terug, delen het en vragen om meer.
Waarom dit profiel: Alle zes factoren halen minstens de helft van hun punten.
Wat het oplevert: Groei, gezag en klanten die zelf naar je toe komen.
Zo hou je het vast: Blijf meten per factor, want één zwakke factor remt het hele wiel af.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
Dit gaat over mij5 van 5
De kop noemt de situatie in de woorden van de lezer.
Dit ziet er anders uit6 van 6
Eigen foto's en grafieken, scènes die bewegen als je scrolt, tellers en vakjes die kleuren, en een rekenhulp en zelftest.
4 van 4 signalen
✓Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✓Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✓Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✓Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders3 van 3
Het stuk noemt de gedachte dat verzuim onwil is, of dat op tijd praten makkelijk is, en spreekt die tegen.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar4 van 4
Veelgestelde vragen met het antwoord eronder, code die Google vertelt wat er op de pagina staat, en 'Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026'. Alleen is de proefpagina nog afgeschermd voor Google.
3 van 4 signalen
✓Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✗Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✓Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✓Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb1 van 2
Wat je krijgt staat pas na de openingsscène.
Het leest makkelijk3 van 6
Elke scène doet één ding, er zijn koppen en op de telefoon is de kleinste letter 14 pixels. Wel kunnen er alinea's weg, want de veelgestelde vragen herhalen eerdere delen, en vakwoorden als WIA, ggz en ECD worden niet uitgelegd.
3 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✓Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen4 van 4
Je vult sector, medewerkers en locaties in en krijgt een uitkomst over je eigen organisatie.
Doorgaan levert steeds wat op2,5 van 5
De vraag 'Wie ziet het als eerste?' blijft open, de knoppen van de zelftest veranderen de uitkomst en stippen laten zien in welk hoofdstuk je bent. Er gaat niets extra open als je iets invult, en je ziet niet wat andere lezers kozen.
3 van 5 signalen
✓Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✓Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✓Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen8 van 8
Eigen onderzoek bij 106 scholen (VGS), bronnen bij elk blok, een stuk over wat de makers niet weten, en de verzonnen scène staat erbij als voorbeeld.
Hier kan ik morgen mee aan de slag7 van 7
Vijf concrete stappen.
Dit wist ik nog niet6 van 6
Het stuk legt een verband dat je in gewone uitleg over verzuim niet vindt: de wet rekent in weken, de verzuimoverzichten in maanden. We hebben niet gegoogeld of het ergens anders staat.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat4 van 4
Wat het kost als je niets doet, staat er in euro's, voor de werkgever die dit leest.
Het is een verhaal2,5 van 5
De lezer is zelf de hoofdpersoon in een scène die als voorbeeld is aangegeven, en er staat iets op het spel: de derde melding die niemand ziet. Maar hij doet niets, en je leest niet hoe het afloopt.
2 van 4 signalen
✓Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✓Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✗Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je4 van 4
Een scène op maandagochtend, getallen met een rekenvoorbeeld, en de klok als beeld voor de kern.
3 van 3 signalen
✓Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✓Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb4 van 4
Een latere zin noemt het moment waarop je in actie komt.
Eén zin die ik kan navertellen4 van 4
De belangrijkste zin komt bijna letterlijk een paar keer terug: in de kop, de inhoudsopgave en 'In het kort'.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Naam en foto van Jochem direct onder de kop.
Hiermee overtuig ik mijn collega's2 van 4
Het stuk rekent in geld voor de lezer zelf, maar spreekt geen collega met een andere functie aan.
Hiermee kom ik goed voor de dag3 van 3
Er staat een cijfer in dat je los kunt overnemen, en het valt op.
Dit stukje stuur ik zo door1,5 van 3
Je kunt alleen de hele pagina delen, geen losse grafiek of los deel.
Ik weet wat de volgende stap is1,5 van 3
Je kiest zelf hoe je contact opneemt: WhatsApp, mail of LinkedIn. Bovenaan staat ook 'Plan een kennismaking'.
Ik klik makkelijk door naar meer3 van 3
Van hoofdstuk naar hoofdstuk, elk met een eigen titel.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen1 van 2
Er komt een vervolg als er nieuwe CBS-cijfers zijn, maar je kunt je nergens aanmelden om dat te horen.
Ik laat graag mijn gegevens achter1 van 2
Je kunt alleen de schrijver zelf benaderen; je gegevens achterlaten kan nergens.
Een zakelijke podcast tegenover onze interactieve aflevering
Een zakelijke podcast luister je. Onze aflevering van De AI Growth Test kun je ook doen.
Een zakelijke podcast
Zo werkt de vorm meestal.
4Gaat verlorenProfiel:
Wat is de CRS?
Gaat verloren: Het wordt gezien, maar brengt je niet op de shortlist. Het valt niet op of mensen doen er niets mee.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Je content is er wel, maar niemand ziet hem. Hij lijkt op alles wat er al is.
Waarom dit profiel: Factor 1, Valt op of wordt gevonden, blijft onder de helft: 1 van 20 punten.
Wat het kost: Wie doorscrolt, komt nooit bij de rest van je verhaal.
Waar je begint: Zeg iets wat je vakgenoten niet zeggen, in de woorden van je klant.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
De factor 'Valt op of wordt gevonden' blijft onder de helft. Daardoor telt de factor erna maar half. Anders had het 6 gescoord.
Maximaal haalbaar als Podcast: 98 van 100.
Dit gaat over mij0 van 5
De titel noemt alleen het onderwerp, niet de functie of situatie van de luisteraar.
Dit ziet er anders uit0 van 6
De eigen hoes is versiering en legt niets uit. Verder is er alleen geluid.
0 van 4 signalen
✗Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✗Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✗Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✗Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders0 van 3
De beschrijving noemt geen gangbare gedachte die niet blijkt te kloppen.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar0 van 4
Er zijn geen koppen in vraagvorm, geen eigen pagina, geen uitgeschreven tekst en geen datum van bijwerken.
0 van 4 signalen
✗Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✗Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✗Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb1 van 2
Wat je eraan hebt komt pas na een intro.
Het leest makkelijk0 van 6
Een uur gesprek in één stuk, zonder hoofdstukken, koppen, ondertitels of uitgeschreven tekst.
0 van 5 signalen
✗Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✗Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✗Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen0 van 4
Je voert niets in.
Doorgaan levert steeds wat op0 van 5
De beschrijving noemt niets wat je nieuwsgierig houdt, niets wat je laat kiezen en niets wat laat zien wat andere luisteraars doen.
0 van 5 signalen
✗Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✗Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✗Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen0 van 8
De gast vertelt uit eigen ervaring. Er zijn geen bronnen en hij zegt nergens wat hij niet weet.
Hier kan ik morgen mee aan de slag0 van 7
De beschrijving noemt geen stappen of voorbeelden.
Dit wist ik nog niet0 van 6
Uit de beschrijving is dit niet op te maken.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat0 van 4
De beschrijving zegt hier niets over.
Het is een verhaal0 van 5
Het is een gesprek. De beschrijving noemt geen hoofdpersoon die iets riskeert, iets doet en ergens uitkomt.
0 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✗Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✗Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je0 van 4
De beschrijving zegt hier niets over.
0 van 3 signalen
✗Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✗Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✗Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb0 van 4
Geen moment.
Eén zin die ik kan navertellen0 van 4
De beschrijving noemt geen zin die de kern samenvat.
Ik weet van wie het kwam0 van 3
Er staat geen naam van de maker bij en je ziet geen gezicht.
Hiermee overtuig ik mijn collega's0 van 4
Geen argumenten.
Hiermee kom ik goed voor de dag0 van 3
De beschrijving noemt niets wat je los kunt citeren.
Dit stukje stuur ik zo door1,5 van 3
Alleen de hele aflevering is te delen.
Ik weet wat de volgende stap is1,5 van 3
Er staat alleen een algemene verwijzing naar de website.
Ik klik makkelijk door naar meer0 van 3
Geen link naar meer inhoud buiten die ene verwijzing.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen2 van 2
Het is een serie, en je kunt je erop abonneren.
Ik laat graag mijn gegevens achter0 van 2
Geen manier om gegevens achter te laten.
Tik op een factor voor de onderdelen.
Onze interactieve aflevering
De AI Growth Test, live sinds 2 oktober 2026.
73Helpt je op wegProfiel:
Wat is de CRS?
Helpt je op weg: Doet het meeste goed, maar één of twee factoren blijven achter. Meestal ontbreekt het delen of een vervolg.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Elk stuk maakt het volgende sterker. Mensen komen terug, delen het en vragen om meer.
Waarom dit profiel: Alle zes factoren halen minstens de helft van hun punten.
Wat het oplevert: Groei, gezag en klanten die zelf naar je toe komen.
Zo hou je het vast: Blijf meten per factor, want één zwakke factor remt het hele wiel af.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
Dit gaat over mij2,5 van 5
Het is duidelijk dat het over mensen gaat die content maken, maar er staat geen functie of concrete situatie in.
Dit ziet er anders uit6 van 6
Een eigen opname met eigen kaarten vol cijfers, bewerkte video, een score en tellers die oplopen, en de video stopt voor een vraag.
4 van 4 signalen
✓Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✓Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✓Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✓Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders3 van 3
Het stuk noemt de gedachte dat AI content slechter maakt en spreekt die tegen.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar4 van 4
Koppen in vraagvorm met het antwoord eronder, Google mag de pagina opnemen, en er staan een uitgeschreven tekst en code die Google vertelt dat het een video is. Je ziet alleen niet wanneer de pagina is bijgewerkt.
3 van 4 signalen
✓Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✓Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✓Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb2 van 2
Het eerste scherm zegt wat je krijgt.
Het leest makkelijk3 van 6
Korte blokken met een vraag en een antwoord, koppen, ondertitels en nergens een letter kleiner dan 13 pixels. Maar het begin van de video ('Nice. Welkom...') kan weg, en vakwoorden als 'category entry points' en 'human in the loop' worden niet uitgelegd.
3 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✓Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen2 van 4
Je gokt antwoorden, maar de uitkomst gaat niet over jouw situatie.
Doorgaan levert steeds wat op2,5 van 5
Een vraag blijft open tot later ('Hoeveel, hoor je verderop'), een teller laat zien waar je bent ('Vragen 0 / 19') en er is een live klassement. Wat je kiest verandert alleen je score, niet de inhoud, en er gaat niets extra open als je iets invult.
3 van 5 signalen
✓Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✗Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✓Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✓Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen4 van 8
Eigen ervaring (300 blogs, eigen cijfers) en bronnen bij elk antwoord, maar nergens staat wat de makers niet weten.
Hier kan ik morgen mee aan de slag3,5 van 7
Het advies gaat over een werkwijze. Er is geen stappenplan of sjabloon.
Dit wist ik nog niet6 van 6
Eigen zoekdata die niet in de eerste resultaten staat.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat2 van 4
Wat er gebeurt als je niets doet, staat erin (je komt niet op de shortlist), maar niet in euro's, dagen of mensen.
Het is een verhaal5 van 5
TTLC is de hoofdpersoon: bij de Google-update stond er iets op het spel en TTLC deed iets, namelijk 300 blogs nakijken. Maar hoe het afliep, maakt de kern van het stuk niet duidelijk.
3 van 4 signalen
✓Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✓Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✓Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je4 van 4
Getallen en voorbeelden (81% van 5.000 posts, een camera van 700 euro) en beelden als vuurwerk en een tv-studio. Een scène ontbreekt.
2 van 3 signalen
✗Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✓Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb0 van 4
Er staat geen moment in waarop je dit later weer nodig hebt.
Eén zin die ik kan navertellen4 van 4
De belangrijkste zin komt een paar keer terug: in de titel, bij de kernpunten en in de uitgeschreven tekst.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Namen en gezichten direct onder de video.
Hiermee overtuig ik mijn collega's2 van 4
Het stuk rekent in tijd voor de lezer zelf en spreekt geen collega met een andere functie aan.
Hiermee kom ik goed voor de dag3 van 3
Er staat een cijfer in dat je los kunt overnemen.
Dit stukje stuur ik zo door3 van 3
Elk antwoord linkt naar precies dat moment in de video.
Ik weet wat de volgende stap is1,5 van 3
Alleen een algemene knop 'Plan een gesprek' in het menu.
Ik klik makkelijk door naar meer3 van 3
Elk hoofdstuk zegt waarom je naar het volgende gaat, van kernpunt naar kernpunt.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen2 van 2
Het hoort bij de serie De AI Growth Test, en die kun je volgen.
Ik laat graag mijn gegevens achter2 van 2
Vul je je werkmail in, dan krijg je je plek in het klassement.
Een losse post tegenover een post met een route erachter
Een losse post scoort laag, en dat klopt: in een post kun je weinig. Brengt dezelfde post mensen naar een rijk stuk, dan telt de hele route.
Een losse LinkedIn-post
Zo werkt de vorm meestal.
6Gaat verlorenProfiel:
Wat is de CRS?
Gaat verloren: Het wordt gezien, maar brengt je niet op de shortlist. Het valt niet op of mensen doen er niets mee.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Je content is er wel, maar niemand ziet hem. Hij lijkt op alles wat er al is.
Waarom dit profiel: Factor 1, Valt op of wordt gevonden, blijft onder de helft: 3,5 van 18 punten.
Wat het kost: Wie doorscrolt, komt nooit bij de rest van je verhaal.
Waar je begint: Zeg iets wat je vakgenoten niet zeggen, in de woorden van je klant.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
De factor 'Valt op of wordt gevonden' blijft onder de helft. Daardoor telt de factor erna maar half. Anders had het 8 gescoord.
Maximaal haalbaar als LinkedIn-post: 92 van 100.
Dit gaat over mij0 van 5
Uit de beschrijving blijkt niet dat de eerste regels een functie of situatie noemen.
Dit ziet er anders uit0 van 6
Er is één plaatje, maar niets wijst erop dat het iets uitlegt.
0 van 4 signalen
✗Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✗Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✗Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✗Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders1,5 van 3
Een eigen kijk, maar er gaat geen gangbare gedachte onderuit.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar0 van 4
De post staat alleen in de tijdlijn en is via Google niet te vinden.
0 van 4 signalen
✗Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✗Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✗Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb2 van 2
De eerste regels zijn de kern.
Het leest makkelijk0 van 6
Korte regels, maar geen koppen. Of er zinnen weg kunnen, of er vakwoorden in staan en hoe het op de telefoon leest, blijkt niet uit de beschrijving.
1 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✗Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✗Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen0 van 4
Je voert niets in.
Doorgaan levert steeds wat op0 van 5
De beschrijving zegt hier niets over.
0 van 5 signalen
✗Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✗Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✗Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen0 van 8
Alleen eigen ervaring, zonder bron, en de schrijver zegt nergens wat hij niet weet.
Hier kan ik morgen mee aan de slag0 van 7
De beschrijving noemt geen stap of voorbeeld.
Dit wist ik nog niet0 van 6
Dat is uit de beschrijving niet op te maken.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat0 van 4
De beschrijving zegt hier niets over.
Het is een verhaal0 van 5
De beschrijving noemt geen hoofdpersoon die iets riskeert, iets doet en ergens uitkomt.
0 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✗Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✗Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je0 van 4
De beschrijving zegt hier niets over.
0 van 3 signalen
✗Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✗Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✗Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb0 van 4
Geen moment.
Eén zin die ik kan navertellen0 van 4
De kern staat in de openingsregels, en die tellen al mee bij een eerder onderdeel. Dat de kern terugkomt, blijkt niet uit de beschrijving.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Naam en gezicht van de schrijver bij de post.
Hiermee overtuig ik mijn collega's0 van 4
Geen argumenten.
Hiermee kom ik goed voor de dag0 van 3
De beschrijving noemt niets wat je los kunt citeren.
Dit stukje stuur ik zo door1,5 van 3
Alleen de hele post is te delen.
Ik weet wat de volgende stap is0 van 3
Geen vervolgstap.
Ik klik makkelijk door naar meer0 van 3
Er staat geen link in.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen0 van 2
Het is geen serie. Of je de volgende post ziet, bepaalt LinkedIn.
Ik laat graag mijn gegevens achter0 van 2
Je kunt nergens je gegevens achterlaten.
Tik op een factor voor de onderdelen.
Dezelfde post, met het magazine erachter
De post brengt je naar het magazine van ALLSAFE.
78Brengt je op de shortlistProfiel:
Wat is de CRS?
Brengt je op de shortlist: Scoort op alle zes factoren. Mensen onthouden het, delen het en weten van wie het kwam.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Likes, reacties, complimenten. En daarna gaat iedereen naar huis.
Waarom dit profiel: Factor 6, Wil meer, blijft onder de helft: 4 van 10 punten.
Wat het kost: Niemand zet een volgende stap, dus er komen geen klanten uit.
Waar je begint: Geef bij elk stuk een logisch vervolg, zoals een tweede deel, een test of een gesprek.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
Route: Post → Magazine. Per onderdeel telt het beste stuk op de route.
Dit gaat over mij2,5 van 5
Magazine: Het stuk noemt de doelgroepen, maar de kop beschrijft geen herkenbare situatie.
Dit ziet er anders uit6 van 6
Magazine: Eigen grafieken opgebouwd uit tegels en eigen illustraties, een rit door de stad als je scrolt, tegels die kleuren, en een magazine van 10 pagina's met een rekenhulp.
4 van 4 signalen
✓Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✓Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✓Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✓Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders1,5 van 3
Post: Een eigen kijk, maar er gaat geen gangbare gedachte onderuit.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar2 van 4
Magazine: Er zijn koppen in vraagvorm met het antwoord eronder ('Hoeveel ruimte heb je eigenlijk?'). Maar Google mag de pagina niet opnemen, er is geen code die Google vertelt wat erop staat, geen uitgeschreven tekst en geen datum van bijwerken.
1 van 4 signalen
✓Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✗Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✗Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb2 van 2
Post: De eerste regels zijn de kern.
Het leest makkelijk3 van 6
Magazine: Elk scherm doet één ding en er zijn koppen. Maar de losse citaten kunnen weg, NHG en doorstroommakelaar worden niet uitgelegd, en sommige letters zijn maar 8,5 tot 12 pixels groot.
2 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✗Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen4 van 4
Magazine: Je vult je m² en huishouden in en ziet je eigen ruimte naast het gemiddelde.
Doorgaan levert steeds wat op2,5 van 5
Magazine: Het antwoord op de titelvraag komt pas later, en kies je een rol en maatregelen, dan verandert de uitkomst. Tellers als '1 / 10' en 'Vraag 1 van 6' laten zien waar je bent. Er gaat niets extra open als je iets invult, en je ziet niet wat andere lezers kozen.
3 van 5 signalen
✓Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✓Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✓Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen8 van 8
Magazine: Ervaring van de sprekers, een bron bij elk cijfer, en wat onzeker is staat erbij.
Hier kan ik morgen mee aan de slag7 van 7
Magazine: Concrete stappen per rol, met link om het te regelen.
Dit wist ik nog niet6 van 6
Magazine: Een voorbeeld dat je niet via Google vindt: wat Maarten bouwt, naast wat mensen vragen.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat4 van 4
Magazine: Gevolg concreet en aan jou gericht.
Het is een verhaal2,5 van 5
Magazine: In de rit door de stad staat er voor jou iets op het spel en doe je iets: verhuizen of kleiner wonen. Maar er loopt geen vaste hoofdpersoon door het hele stuk, en hoe het afloopt, maakt de kern niet duidelijk.
2 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✓Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✓Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je4 van 4
Magazine: Het wasrek en de doos babykleren, getallen met voorbeelden, en het beeld 'één knop over: de meters'.
3 van 3 signalen
✓Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✓Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb4 van 4
Magazine: Noemt toekomstige momenten waarop dit weer speelt.
Eén zin die ik kan navertellen2 van 4
Magazine: De kern staat er één keer. De titelvraag komt terug, het antwoord niet.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Post: Naam en gezicht van de schrijver bij de post.
Hiermee overtuig ik mijn collega's4 van 4
Magazine: Argumenten in geld per rol, met de rol genoemd (corporatie, ontwikkelaar, gemeente).
Hiermee kom ik goed voor de dag3 van 3
Magazine: Er staat een cijfer in dat je los kunt overnemen.
Dit stukje stuur ik zo door3 van 3
Magazine: Per hoofdstuk een deelknop met eigen link.
Ik weet wat de volgende stap is0 van 3
Post: Geen vervolgstap.
Ik klik makkelijk door naar meer3 van 3
Post: Een link naar het hoofdstuk van het magazine waar de post over gaat.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen1 van 2
Magazine: Het is genummerd als serie, maar je kunt je niet aanmelden voor het volgende nummer.
De Top 50: de nieuwsbrief tegenover de nieuwsbrief met het rapport erachter
Robert maakt de Top 50 van invloedrijke LinkedIn'ers. De nieuwsbrief op LinkedIn brengt mensen naar het hele rapport op de site.
De Top 50 als LinkedIn-nieuwsbrief
Editie van De Zichtbare Leider Reality Check, 11 februari 2026.
36Gaat verlorenProfiel:
Wat is de CRS?
Gaat verloren: Het wordt gezien, maar brengt je niet op de shortlist. Het valt niet op of mensen doen er niets mee.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Je content is er wel, maar niemand ziet hem. Hij lijkt op alles wat er al is.
Waarom dit profiel: Factor 1, Valt op of wordt gevonden, blijft onder de helft: 6 van 20 punten.
Wat het kost: Wie doorscrolt, komt nooit bij de rest van je verhaal.
Waar je begint: Zeg iets wat je vakgenoten niet zeggen, in de woorden van je klant.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
De factor 'Valt op of wordt gevonden' blijft onder de helft. Daardoor telt de factor erna maar half. Anders had het 43 gescoord.
Maximaal haalbaar als LinkedIn-artikel of nieuwsbrief: 98 van 100.
Dit gaat over mij0 van 5
Kop en eerste zin zijn algemeen ('Slechts 2.582 Nederlanders...') en noemen geen functie of situatie van de lezer.
Dit ziet er anders uit0 van 6
Een gewoon LinkedIn-artikel met drie afbeeldingen waarvan niet te zien is of ze iets uitleggen. Er beweegt niets, er zijn geen cijfers die oplopen en de ranglijst ziet eruit als gewone tekst.
0 van 4 signalen
✗Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✗Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✗Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✗Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders3 van 3
Het artikel noemt een gangbare gedachte en spreekt die met cijfers tegen.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar2 van 4
Iedereen kan het lezen, Google mag het opnemen en er zit code in die zegt dat het een artikel is. Maar de koppen zijn geen vragen en er staat geen datum van bijwerken, alleen 'Published Feb 11, 2026'.
2 van 4 signalen
✗Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✓Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✓Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb1 van 2
Wat je eraan hebt komt pas na een intro met cijfers.
Het leest makkelijk3 van 6
Korte alinea's en koppen. Maar er staat opvulling in ('Laat dat even bezinken'), 'creator-economie' en 'engagement' worden niet uitgelegd, en hoe het op de telefoon leest bepaalt LinkedIn zelf.
2 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✗Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen0 van 4
Je voert niets in.
Doorgaan levert steeds wat op0 van 5
Alleen de ondertitel maakt nieuwsgierig: die belooft een verandering die later wordt uitgelegd.
1 van 5 signalen
✓Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✗Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✗Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen0 van 8
Eigen onderzoek, maar claims zonder bron (Telegraaf 350.000, '5 tot 10 keer meer bereik'), en de schrijver zegt nergens wat hij niet weet.
Hier kan ik morgen mee aan de slag3,5 van 7
De lessen blijven algemeen: er staan geen stappen of voorbeelden bij.
Dit wist ik nog niet6 van 6
Eigen data die nergens anders staat.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat2 van 4
Het artikel zegt dat het dringend is, maar niet wat er gebeurt als je niets doet.
Het is een verhaal0 van 5
Een ranglijst met een betoog, zonder hoofdpersoon.
0 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✗Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✗Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je4 van 4
Getallen met namen en voorbeelden, en beelden als 'past in een busje' en 'een middelgrote zaal' voor hoe klein de top is. Een scène ontbreekt.
2 van 3 signalen
✗Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✓Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb0 van 4
Geen moment.
Eén zin die ik kan navertellen4 van 4
De belangrijkste zin komt twee keer bijna letterlijk terug.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Naam en profielfoto boven het artikel.
Hiermee overtuig ik mijn collega's2 van 4
Er is een argument in geld, maar er wordt geen collega met een andere functie aangesproken.
Hiermee kom ik goed voor de dag3 van 3
Er staat een cijfer in dat je los kunt overnemen.
Dit stukje stuur ik zo door1,5 van 3
Alleen het hele artikel is te delen.
Ik weet wat de volgende stap is1,5 van 3
Een plaatje linkt naar marketingvliegwiel.com/thoughtleadershipdna, maar nergens staat wat je daar doet.
Ik klik makkelijk door naar meer0 van 3
Geen link naar meer inhoud.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen2 van 2
Doorlopend onderzoek in edities, te volgen via de nieuwsbrief.
De nieuwsbrief brengt je naar het hele rapport op de site.
72Helpt je op wegProfiel:
Wat is de CRS?
Helpt je op weg: Doet het meeste goed, maar één of twee factoren blijven achter. Meestal ontbreekt het delen of een vervolg.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Elk stuk maakt het volgende sterker. Mensen komen terug, delen het en vragen om meer.
Waarom dit profiel: Alle zes factoren halen minstens de helft van hun punten.
Wat het oplevert: Groei, gezag en klanten die zelf naar je toe komen.
Zo hou je het vast: Blijf meten per factor, want één zwakke factor remt het hele wiel af.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
Route: Nieuwsbrief → Rapport. Per onderdeel telt het beste stuk op de route.
Dit gaat over mij0 van 5
Nieuwsbrief: Kop en eerste zin zijn algemeen ('Slechts 2.582 Nederlanders...') en noemen geen functie of situatie van de lezer.
Dit ziet er anders uit6 van 6
Rapport: Een eigen bollengrafiek en kaarten vol cijfers, letters waar beeld doorheen schijnt, animaties, tellers en tegels die oplopen, en een rekenhulp met knoppen.
4 van 4 signalen
✓Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✓Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✓Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✓Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders3 van 3
Nieuwsbrief: Het artikel noemt een gangbare gedachte en spreekt die met cijfers tegen.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar4 van 4
Rapport: Koppen in vraagvorm ('Vaker plaatsen of beter plaatsen?') met het antwoord eronder, Google mag de pagina opnemen en er zit code in die zegt dat het een rapport met een ranglijst is. Maar het rapport is van oktober 2026 en er staat geen datum van bijwerken bij.
3 van 4 signalen
✓Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✓Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✓Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb2 van 2
Rapport: Het eerste scherm zegt wat je te weten komt.
Het leest makkelijk3 van 6
Nieuwsbrief: Korte alinea's en koppen. Maar er staat opvulling in ('Laat dat even bezinken'), 'creator-economie' en 'engagement' worden niet uitgelegd, en hoe het op de telefoon leest bepaalt LinkedIn zelf.
2 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✗Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen2 van 4
Rapport: Je kunt knoppen verzetten, maar de uitkomst gaat over de 50 mensen uit de lijst en niet over jou.
Doorgaan levert steeds wat op2,5 van 5
Rapport: De intro stelt een vraag die pas in de lessen wordt beantwoord. Je kunt op bollen tikken en profielen openklikken, en een balk bovenaan laat zien hoe ver je bent. Er gaat niets extra open als je klikt, en je ziet niet wat andere lezers kozen.
3 van 5 signalen
✓Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✓Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✓Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen8 van 8
Rapport: Eigen onderzoek, met een bron bij de cijfers (Favikon, met datum) en een stuk over wat niet gemeten is en dus geen vaste regel kan zijn.
Hier kan ik morgen mee aan de slag7 van 7
Rapport: Drie concrete stappen.
Dit wist ik nog niet6 van 6
Nieuwsbrief: Eigen data die nergens anders staat.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat2 van 4
Nieuwsbrief: Het artikel zegt dat het dringend is, maar niet wat er gebeurt als je niets doet.
Het is een verhaal0 van 5
Nieuwsbrief: Een ranglijst met een betoog, zonder hoofdpersoon.
0 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✗Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✗Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je4 van 4
Nieuwsbrief: Getallen met namen en voorbeelden, en beelden als 'past in een busje' en 'een middelgrote zaal' voor hoe klein de top is. Een scène ontbreekt.
2 van 3 signalen
✗Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✓Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb0 van 4
Nieuwsbrief: Geen moment.
Eén zin die ik kan navertellen4 van 4
Nieuwsbrief: De belangrijkste zin komt twee keer bijna letterlijk terug.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Nieuwsbrief: Naam en profielfoto boven het artikel.
Hiermee overtuig ik mijn collega's2 van 4
Nieuwsbrief: Er is een argument in geld, maar er wordt geen collega met een andere functie aangesproken.
Hiermee kom ik goed voor de dag3 van 3
Nieuwsbrief: Er staat een cijfer in dat je los kunt overnemen.
Dit stukje stuur ik zo door3 van 3
Rapport: Een afbeelding die je los als post kunt delen, met een eigen link.
Ik weet wat de volgende stap is1,5 van 3
Nieuwsbrief: Een plaatje linkt naar marketingvliegwiel.com/thoughtleadershipdna, maar nergens staat wat je daar doet.
Ik klik makkelijk door naar meer3 van 3
Nieuwsbrief: Een link naar het hele rapport op de site.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen2 van 2
Nieuwsbrief: Doorlopend onderzoek in edities, te volgen via de nieuwsbrief.
Ik laat graag mijn gegevens achter1 van 2
Nieuwsbrief: Alleen een algemene knop om je te abonneren.
We maakten het online magazine Ruimtecomfort rond aflevering 1 van Ruimtecomfort Live, waarin Eric Stubbé praat met Maarten de Gruyter.
Ruimtecomfort, nummer 1
Online magazine rond één aflevering, tien pagina's.
78Brengt je op de shortlistProfiel:
Wat is de CRS?
Brengt je op de shortlist: Scoort op alle zes factoren. Mensen onthouden het, delen het en weten van wie het kwam.
CRS staat voor Content Return Score: wat een stuk content je oplevert aan groei, gezag en klanten.
We kijken naar 24 onderdelen in zes factoren, van opvallen tot terugkomen. Samen zijn ze 100 punten waard. Hoe hoger de score, hoe groter de kans dat het stuk je iets oplevert.
Een factor die onder de helft blijft, laat de factor erna maar half meetellen. Kan iets op een platform niet, zoals een deelknop per fragment in een podcast, dan telt dat onderdeel niet mee. Je scoort de hele route, bijvoorbeeld een post die naar een magazine leidt.
Likes, reacties, complimenten. En daarna gaat iedereen naar huis.
Waarom dit profiel: Factor 6, Wil meer, blijft onder de helft: 4 van 10 punten.
Wat het kost: Niemand zet een volgende stap, dus er komen geen klanten uit.
Waar je begint: Geef bij elk stuk een logisch vervolg, zoals een tweede deel, een test of een gesprek.
Er zijn acht profielen. Blijft een factor onder de helft, dan krijgt het stuk het profiel van de eerste factor waar dat gebeurt. Blijft geen enkele factor onder de helft, dan is het een vliegwiel. Bekijk alle profielen
Dit gaat over mij2,5 van 5
Het stuk noemt de doelgroepen, maar de kop beschrijft geen herkenbare situatie.
Dit ziet er anders uit6 van 6
Eigen grafieken opgebouwd uit tegels en eigen illustraties, een rit door de stad als je scrolt, tegels die kleuren, en een magazine van 10 pagina's met een rekenhulp.
4 van 4 signalen
✓Eigen beeld dat iets laat zien of uitlegt: illustraties, datagraphics of eigen foto's. Geen stock, geen versiering.
✓Beweging die voor dit stuk is gemaakt: scènes die je met scrollen aanstuurt, animatie of een bewerkte video.
✓Cijfers die zich voor je ogen opbouwen: grafieken, tellers of stippen die van kleur veranderen.
✓Een vorm van deze lijst: een magazine dat je omslaat, een video die stopt voor een vraag, een spel, een rekenhulp in het beeld. Wat niet op de lijst staat, telt niet.
Hier zegt iemand iets anders1,5 van 3
Het stuk kiest een eigen invalshoek (ruimte buiten je huis), maar spreekt geen gangbare gedachte uitdrukkelijk tegen.
Ik vind het als ik zoek, ook over een jaar2 van 4
Er zijn koppen in vraagvorm met het antwoord eronder ('Hoeveel ruimte heb je eigenlijk?'). Maar Google mag de pagina niet opnemen, er is geen code die Google vertelt wat erop staat, geen uitgeschreven tekst en geen datum van bijwerken.
1 van 4 signalen
✓Koppen zijn vragen zoals mensen ze stellen, met het antwoord direct eronder.
✗Staat live op een eigen pagina die Google en AI-tools mogen lezen. Een testpagina die Google niet mag lezen, telt niet.
✗Gemarkeerd voor zoekmachines: met code die Google vertelt wat er staat, een transcript bij video of audio, of een FAQ.
✗Niet vastgezet aan één week of één nieuwsfeit, en er staat een datum van bijwerken bij.
Ik zie meteen wat ik eraan heb2 van 2
De voorpagina toont meteen wat je in dit nummer krijgt.
Het leest makkelijk3 van 6
Elk scherm doet één ding en er zijn koppen. Maar de losse citaten kunnen weg, NHG en doorstroommakelaar worden niet uitgelegd, en sommige letters zijn maar 8,5 tot 12 pixels groot.
2 van 5 signalen
✓Opgeknipt: nergens een lange lap tekst, maar korte alinea's of één ding per scherm.
✓Koppen en nadruk in de tekst laten zien wat telt.
✗Elke alinea is nodig: haal je er een weg, dan mis je de kern of een stap.
✗Elk vakwoord wordt bij het eerste gebruik uitgelegd, in een persoonlijke toon (je en ik).
✗Werkt op de telefoon: lopende tekst minstens 16px, nergens kleiner dan 13px, ondertiteld als er gesproken wordt. Beoordeeld op het eerste en het drukste scherm.
Ik kan er zelf iets mee doen4 van 4
Je vult je m² en huishouden in en ziet je eigen ruimte naast het gemiddelde.
Doorgaan levert steeds wat op2,5 van 5
Het antwoord op de titelvraag komt pas later, en kies je een rol en maatregelen, dan verandert de uitkomst. Tellers als '1 / 10' en 'Vraag 1 van 6' laten zien waar je bent. Er gaat niets extra open als je iets invult, en je ziet niet wat andere lezers kozen.
3 van 5 signalen
✓Er staat een vraag of spanning open die pas later in het stuk wordt opgelost. Je kunt de vraag aanwijzen, en de plek waar het antwoord komt.
✓Een keuze of klik van jou verandert de inhoud. Alleen scrollen telt hier niet, dat telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
✓Een aanwijzer tijdens het lezen laat zien waar je bent: een balk, stippen, '3 van 10' of punten.
✗Na een stap komt iets vrij zonder dat je iets invult: een onthulling of een hoofdstuk dat opengaat. Antwoord op wat je invult telt bij 'zelf iets doen'.
✗Je ziet hoe andere lezers van dit stuk kozen of scoorden: een klassement of het percentage dat hetzelfde koos. Een ranglijst of cijfers over anderen tellen niet.
Ik kan dit vertrouwen8 van 8
Ervaring van de sprekers, een bron bij elk cijfer, en wat onzeker is staat erbij.
Hier kan ik morgen mee aan de slag7 van 7
Concrete stappen per rol, met link om het te regelen.
Dit wist ik nog niet6 van 6
Een voorbeeld dat je niet via Google vindt: wat Maarten bouwt, naast wat mensen vragen.
Ik voel wat er voor mij op het spel staat4 van 4
Gevolg concreet en aan jou gericht.
Het is een verhaal2,5 van 5
In de rit door de stad staat er voor jou iets op het spel en doe je iets: verhuizen of kleiner wonen. Maar er loopt geen vaste hoofdpersoon door het hele stuk, en hoe het afloopt, maakt de kern niet duidelijk.
2 van 4 signalen
✗Eén hoofdpersoon die je door het stuk volgt: een echte persoon of een echt bedrijf met naam, of de lezer zelf in een uitgeschreven scène die als voorbeeld gelabeld is.
✓Voor die hoofdpersoon staat iets op het spel: een probleem, een keuze of spanning.
✓Die hoofdpersoon doet iets: een beslissing, een poging of een wending.
✗Er is een afloop voor die hoofdpersoon, en de kern van het stuk volgt daaruit.
Je ziet het voor je4 van 4
Het wasrek en de doos babykleren, getallen met voorbeelden, en het beeld 'één knop over: de meters'.
3 van 3 signalen
✓Een scène, plek of moment die je voor je ziet.
✓Getallen en een concreet voorbeeld in plaats van algemeenheden. Namen tellen bij 'verhaal'.
✓Een vergelijking in woorden die de kern uitlegt, apart van de zin waarin de kern staat. Getekend of gefilmd beeld telt bij 'Dit ziet er anders uit'.
Ik weet wanneer ik dit weer nodig heb4 van 4
Noemt toekomstige momenten waarop dit weer speelt.
Eén zin die ik kan navertellen2 van 4
De kern staat er één keer. De titelvraag komt terug, het antwoord niet.
Ik weet van wie het kwam3 van 3
Namen op de voorpagina, gezichten in de video van hoofdstuk 1.
Hiermee overtuig ik mijn collega's4 van 4
Argumenten in geld per rol, met de rol genoemd (corporatie, ontwikkelaar, gemeente).
Hiermee kom ik goed voor de dag3 van 3
Er staat een cijfer in dat je los kunt overnemen.
Dit stukje stuur ik zo door3 van 3
Per hoofdstuk een deelknop met eigen link.
Ik weet wat de volgende stap is0 van 3
Je kunt geen contact opnemen met ALLSAFE of met Eric.
Ik klik makkelijk door naar meer3 van 3
Van hoofdstuk naar hoofdstuk met titel.
Er komt een vervolg en ik kan het volgen1 van 2
Het is genummerd als serie, maar je kunt je niet aanmelden voor het volgende nummer.